Van huurmoordenaar naar tempel novice
Toen Feniksvuur nog Land van Vuur en Schaduw heette, was Nix Trisseling geen eigenwijze tempelnovice, maar een doorgewinterde huurmoordenaar. Ze had een interessante geschiedenis, iets wat in het oude verhaal eigenlijk nooit verteld zou worden. Dat knaagde aan mij.
“Soms is het eindresultaat niet het belangrijkste. De reis is minstens net zo van belang.”
Toen ik Nix vormgaf wilde ik haar niet perfect maken. Ze moest fouten kunnen maak en dat ook vaak genoeg doen. Nix kon breken en toch blijven vechten voor wat haar dierbaar was.
Ik wilde haar laten zien zoals ik haar zag: als een vechter.
Zo begon ik. En terwijl ik aan Nix werkte ontstond de wereld om haar heen. Dit zou haar verhaal worden, hoe verschrikkelijk pijnlijk dat soms ook was. Het leven is niet makkelijk of eerlijk. Het kan bruut en meedogenloos zijn.
Het was haar uiterlijk dat al snel helder voor me was: bruin haar dat in het zonlicht een rode gloed ving; De gloed van haar innerlijke vuur en passie. Maar één ding bleef hangen. Nix zou nooit echt volwassen worden. In mijn hoofd bleef ze een kind dat ik niet kon laten opgroeien. En het klinkt misschien gek, maar ik kon me haar niet voorstellen als een volwassen vrouw… Dus… wat moest ik daarmee? Dan maar onsterfelijk maken?
Maar hoe voeg je zo’n element toe zonder het cliché te maken?
Sommige zijn misschien groot fan van clichés. Ik niet perse. Ik wil juist iets dat schuurt. Iets unieks.
Ik wil niet voorspelbaar zijn.
Uiteindelijk, in dat onderzoek, stelde ik mezelf de vraag: Wat is mens zijn als je onsterfelijk bent? Wie ben je als alles van je wordt afgenomen?
Door mezelf vragen stellen kwam ik steeds verder in het verhaal.
Het veranderde van een simpele strijd: huurmoordenaar vs schurk, naar iets mythisch. Iets eigen. Eentje die uniek was. Ergens waar ik trots op werd.
Nix Trisseling is nu een eigenwijze en ietwat naïeve tempel novice, die niet weet welk voor lot er op haar wacht… tot iemand haar de ogen opent… Met desastreuze gevolgen.
Ik hoop dat anderen haar ook niet meer kunnen vergeten. Dat ze bij lezers blijft spoken, zoals ze al zes jaar bij mij doet.

